FAQ

1. Welke bevoegdheden kan een kandidaat halen?
In EU verordening 2023/989 als bijlage bij Part M zijn voor technici de zogenaamde “L” bevoegdheden beschreven. De ”L” is van Light aircraft. Zweefvliegtuigen vallen in de categorie ELA-1 (European Light Aircraft).

Voor onderhoud, reparatie en vrijgave van zweeftuigen zijn de volgende bevoegdheden van belang:

L1C: composietzweefvliegtuigen
L1: zweefvliegtuigen
L2C: gemotoriseerde composietzweefvliegtuigen en composiet-ELA1-vleugelvliegtuigen
L2: gemotoriseerde zweefvliegtuigen en ELA1-vleugelvliegtuigen.
Subcategorie L2 omvat subcategorie L1. Om alleen aan kunststof toestellen te werken heb je de beperkte bevoegdheid “C” (C van composiet). Wil je aan een turbo, zelfstarter, TMG of SEP werken moet je de bevoegdheid L2 of L2C hebben.

2. Wie organiseert het Part 66 L theorie-examen?
De KNVVL heeft van ILenT toestemming om theorie examens te organiseren voor de theorie certificaten af te geven, die horen bij de Part 66 bevoegdheden in de categorie L. Die toestemming krijgt een organisatie niet zomaar. Er hoort een organisatiehandboek bij, procesbeschrijvingen, een duidelijke rolverdeling en kwaliteitsbewaking.Binnen de KNVVL verzorgt het KEI (KNVVL Examen Instituut) de uitvoering van de examens (inschrijving, betaling, bevestiging en uitnodiging, uitslagen bevestigen, verstrekken van certificaten etc.).

3. Waar wordt het Part 66 L theorie-examen gehouden?
De examens worden in Woerden gehouden bij de KNVVL. Woerden is centraal gelegen in het land en goed bereikbaar met openbaar vervoer en met de auto.
Per keer kunnen er maximaal 18 kandidaten meedoen.

4. Wat kost het Part 66L theorie-examen?
De examens zijn toegankelijk voor leden en niet leden. Een kandidaat betaalt voor elke examenmodule een vast bedrag. Als je geen KNVVL lid bent betaal je een toeslag. Zie voor de bedragen tabblad "Examendata en inschrijven".

5. Wanneer wordt het examen gehouden?
Bij voldoende deelname worden er twee examens per jaar georganiseerd.
De exacte data en tijden voor de examens worden door het KEI gepubliceerd.
Als je een examen over moet doen, kan dat de volgende keer dat een examen georganiseerd wordt. Er worden geen extra “herkansingen” georganiseerd.

6. Mogen alleen KNVVL leden het examen doen bij de KNVVL?
Iedereen mag meedoen. Niet KNVVL leden betalen een toeslag. Inschrijven voor een examen doe je bij het KNVVL KEI.

7. Hoelang zijn de certificaten voor de theorie examens geldig?
Een certificaat is 10 jaar geldig. Na het behalen van het eerste certificaat heb je 10 jaar om alle certificaten te behalen en praktijkervaring op te doen.
Na 10 jaar vervalt het certificaat en moet je opnieuw theorie examen doen.

8. Welke examen modules zijn er?
Er zijn 12 modules (1L – 12L) waarvoor een theorie-examen afgelegd kan worden. Module 9L, 10L en 11L zijn voor ballontechnici.
Overzicht theoriemodules per Part 66 L-bevoegdheid (bron: EASA, EU-verordening 2023/989)

9. Hoe zien de examens eruit?
De examens bestaan uit meerkeuze vragen. Elke vraag heeft drie antwoorden waarvan er één goed is. Per vraag heb je 75 seconden om te antwoorden. Elke vraag weegt even zwaar.

10. Wat moet ik meenemen naar het examen?
Je mag niets meenemen naar de examenruimte. Smartphones, rekenmachines, Smartwatches etc. zijn niet toegestaan. Je krijgt kladpapier en antwoordformulieren. Je mag ook niets meenemen uit de examenruimte (vragen, antwoorden, kladblaadjes, lege blaadjes, etc.). Spieken, praten, etc. mag niet. Vragen stellen aan de surveillant tijdens het examen mag ook niet.

11. Waar vindt men de lesstof?
Per module is er een studiewijzer (voor module 6L Metaal is de studiewijzer nog in bewerking). In elke studiewijzer staat per module wat de kandidaat kan bestuderen om succesvol aan het examen deel te nemen. xxx

12. Is er een theoriecursus?
Er is geen theorie cursus voorgeschreven. Een kandidaat mag zich individueel voorbereiden. De Commissie technische Zaken of KNVVL zijn niet voornemens een cursus te organiseren. Kandidaten kunnen zelf initiatief ontplooien en zelf een (regionale of landelijke) cursus organiseren.

13. Wanneer en waar kan ik mijn bevoegdheid aanvragen?
Als een kandidaat de theoriecertificaten gehaald heeft blijven deze 10 jaar geldig. Om een bewijs van bevoegdheid te halen moet de kandidaat ook praktijkervaring opgedaan hebben gedurende twee jaar. Je mag met de praktijk beginnen voordat je de theorie gehaald hebt. Voor de Part 66 L bevoegdheid moet een (kandidaat-) technicus een logboek bijhouden.

In het logboek staan je naam, de verrichte werkzaamheden (hoe, op basis van welke instructies), welk toestel, aantal uren dat je aan de klus besteed hebt, datum, naam en paraaf van de mentor. Het kan zijn dat er een standaard logboek voorgeschreven wordt door ILenT.

Je praktijkervaring en je theorie certificaten maken het mogelijke een bewijs van bevoegdheid als technicus aan te vragen bij KIWA REGISTER.

Het is de verantwoordelijkheid van ILenT om daar met KIWA afspraken over te maken.

14. Kan ik vrijstellingen krijgen?
Het is niet mogelijk om vrijstellingen te verkrijgen voor de Modules 1L tot en met 12 L.

15. Wat is het niveau van de vragen?
Voor alle onderdelen van de modules voorzien in appendix VII van de Part 66L wordt een bepaald kennisniveau vereist. De kennisniveaus zijn gedefinieerd in appendix I van Part 66.

NIVEAU 1:
Certrouwdheid met de voornaamste elementen van het onderwerp De kandidaat moet met de basiselementen van het onderwerp vertrouwd zijn. De kandidaat dient in staat te zijn een eenvoudige beschrijving van het hele onderwerp te geven, met gebruik van gewone woordenschat en voorbeelden. De kandidaat dient in staat te zijn om typische termen te gebruiken.

NIVEAU 2:
Algemene kennis van de theoretische en de praktische aspecten van het onderwerp en de bekwaamheid om die kennis toe te passen. De kandidaat moet de theoretische grondslag van het onderwerp kunnen begrijpen. De kandidaat moet een algemene beschrijving van het onderwerp kunnen geven door gebruik te maken van typische voorbeelden, naargelang het geval. De kandidaat moet wiskundige formules kunnen gebruiken, samen met fysische wetten om het onderwerp te beschrijven. De kandidaat dient schetsen, tekeningen en schema's die het onderwerp beschrijven, te kunnen lezen. De kandidaat moet zijn kennis op een praktische manier kunnen toepassen, met gebruik van gedetailleerde procedures.

NIVEAU 3:
Gedetailleerde kennis van de theoretische en praktische aspecten van het onderwerp en de bekwaamheid om afzonderlijke elementen van kennis te combineren en toe te passen op een logische en complete wijze. De kandidaat dient de theorie van het onderwerp te kennen, evenals de onderlinge relaties met andere onderwerpen. De kandidaat moet een gedetailleerde beschrijving van het onderwerp kunnen geven aan de hand van theoretische grondbeginselen en specifieke voorbeelden. De kandidaat moet wiskundige formules m.b.t. het onderwerp kunnen begrijpen en gebruiken. De kandidaat moet schetsen, eenvoudige tekeningen en schema's die het onderwerp beschrijven, kunnen lezen, begrijpen en gebruiken. De kandidaat moet in staat zijn om zijn kennis op een praktische wijze toe te passen, gebruik makend van de instructies van de fabrikant. De kandidaat dient in staat te zijn om resultaten van verschillende bronnen en metingen te interpreteren en, waar nodig, corrigerende maatregelen toe te passen.